Waardoor heb je 'het konijn"en geen ''de konijn"?

Om eens door te gaan, geen "HEt koe" , de gras, de varken, maar "het varken "?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

De vrouwelijkheid, mannelijkheid of onzijdigheid van woorden heeft niet altijd te maken met het daadwerkelijke geslacht. Het onderscheid tussen mannelijke en vrouwelijke lidwoorden (en de daarmee gepaard gaande naamvallen) zijn uit het Nederlands al vrijwel verdwenen, en ook dit laatste onderscheid is op dit moment druk bezig te verdwijnen,vooral ten koste van het woordje HET als lidwoord. Let maar eens goed op, dan zul je om je heen met name jongeren en allochtonen zeker kunnen horen spreken van de kind, de huis, de konijn en de varken. Lang niet altijd is (nog) te achterhalen waarom voor welk lidwoord gekozen is, want dat is in de meeste gevallen historisch gegroeid, en omdat er inderdaad geen regeltje (meer) voor is, ligt het gewoon in je gehoor door het leren van de taal. Wie Nederlands als tweede taal moet leren, krijgt dat nooit echt onder de knie. Hoor het vaak genoeg, en het klinkt op een gegeven moment niet eens vreemd meer. Toegevoegd na 3 minuten: De regels, voor zover die er zijn en zijn te achterhalen, vind je onder de eerste link. De tweede is ook leuk ; een test voor buitenlanders. Ongelofelijk hoeveel van dat soort nauwelijks leerbare kennis er in ons hoofd zit....

Bronnen:
http://blogger.xs4all.nl/molware/archive/2...
http://home.zonnet.nl/mertens2518hg/LW1.HTM

"Het" is toch voor onzijdig of onbekend geslacht en "de" voor mannelijk/vrouwelijk? Zo heb je het ook over "de man" en "de vrouw" en "het kind". Welnu van een koe weet je dat het een vrouwtje is, dus "de koe" en haar ega "de stier". Van het paard is het geslacht niet bekend, maar wel van "de merrie" en "de hengst". Netzo als bij "het varken" want dat is of "de beer" of "de zeug". Konijnen idem, met "de moer" en "de ram(melaar)". Overigens zijn verkleinwoordjes altijd onzijdig, dus "het koetje" enzovoorts.

Het klopt dat "het" voor onzijdig of onbekend staat en "de" voor mannelijk, maar bij veel woorden is bijna niet te zeggen of het onzijdig, mannelijk of vrouwelijk is. Waarom zou "gras" namelijk onzijdig of onbekend zijn, maar "fles" opeens weer mannelijk of vrouwelijk? De Nederlandse taal schijnt een van de moeilijkste talen te zijn om te leren omdat aan de regels zoveel uitzonderingen zitten, en zo ook aan deze regel. Het gaat vooral op "gevoel" of je 'de' of 'het' moet zeggen en is eigenlijk bijna niet te leren.

Je hebt het hier over gebruik van lidwoorden. Lidwoorden geven in de Nederlandse taal informatie over het woordgeslacht. Lidwoorden zijn in de loop der jaren ontstaan in de Nederlandse taal. Ook het Nederlands kende oorspronkelijk geen lidwoorden; in het Oudnederlands ontbraken ze nog. Het Middelnederlands kende ze echter al wel. Er zijn weinig regels te geven voor het gebruik van de of het; moedertaalsprekers leren 'vanzelf' welk lidwoord het juiste is. Voor mensen die op latere leeftijd Nederlands leren, is het juist toepassen van de lidwoorden dan ook erg moeilijk. Uiteraard zijn er wel regels voor de juiste toepassing van lidwoorden.. De belangrijkste toepassingsregels zijn: - De wordt gebruikt bij mannelijke en vrouwelijke woorden en bij meervouden. - Het bij onzijdige woorden in het enkelvoud: Om dus op jouw voorbeelden in te gaan: Het konijn is onzijdig (kan een mannetjes- of een vrouwtjeskonijn zijn). Heb je het bijvoorbeeld alleen over een mannetjeskonijn, dan wordt het: de ram. Bij het vrouwtje wordt het: de voedster. Want de wordt bij mannelijke en vrouwelijke worden gebruikt De koe is vrouwelijk en de wordt gebruikt bij vrouwelijke woorden. Het gras is onzijdig, want het is mannelijk, noch vrouwelijk. Het varken is onzijdig. Heb je het over een vrouwelijk varken dan wordt het: de zeug Heb je het over een mannelijk varken dan wordt het: de beer

Bronnen:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Lidwoord
http://www.onzetaal.nl/advies/lidwoord.php

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100