Hoe gebruik ik de 6 W's van de journalistiek?

Wie, Wanneer, Waar, Waarom, Wat, Welke wijze
Hoe moet ik een tekst zo samenstellen op basis van de zes W's, zodat de tekst makkelijk leesbaar en gebruiksvriendelijk is?

Weet jij het antwoord?

/2500

BV: "Op 20-01-2011 heeft Jan Huppelepup, in het friese plaatsje Madurodam, uit frustratie tegen de sociale dienst, de gebouwen compleet vernield, door hier domweg doorheen te lopen en te trappen. Heeft hij erg veel schade aangericht." Dan kan er nog een vervolg komen met feiten zoals; hij is opgepakt voor verhoor enzv. Het is misschien ook goed, om er bijvoorbeeld andere nieuwsberichten bij te halen, om te kijken hoe daar de W's worden gebruikt. Succes ermee!

De eerste twee of drie zinnen van een artikel horen een samenvatting te zijn van de rest van het verhaal: dus als je de intro leest, moet je hoofdlijnen van het artikel kennen. Meestal wordt gesproken over 5 W's: Wie, Wat, Waar, Wanneer en Waarom. (Zie ook "Bronnen"). Die vijf W's bieden dus de belangrijkste informatie die je in de eerste regels (bij voorbeeld van een persbericht) zet. Als je een persbericht schrijft, moet je erop letten dat het "oprolbaar" is: de belangrijkste informatie bovenaan, en hoe verder je leest, hoe minder belangrijk de informatie wordt. Concreet houdt dat in dat het bericht begrijpelijk en leesbaar moet blijven als je, vanaf de onderkant van het persbericht, één of meer alinea's weglaat. (Zie toelichting in de persberichtenwijzer).

Bronnen:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Help:Tips_voo...
http://www.persberichtenwijzer.nl/artikele...

Dat noem je de topische vragen. Het onderwerp of 'topic' wordt het best beschreven door een vast aantal elementen ervan te beschrijven. Aristoteles was al op zoek naar die vaste elementen van volledige informatie en schreef zijn Topica. Dus dit is een vraag met historie. Jammer is wel dat in de taalbeheersing en journalistiek niet goed begrepen wordt waarom juist deze topische vragen de kern van de informatie proberen te bevatten. Daarom lukt het ook vaak niet goed en komen de vragen nogal ad- hoc over. Bovendien is de Waaromvraag belast met de verwarring van verantwoording, doel en oorzaak. Dus wat bedoel je er dan mee? En de Hoe vraag kan zo ook heel verschillend uitpakken. Ik gebruik dan ook liever geen vragen maar een informatieschema dat veel meer beeldend werkt (voor mij): - object met kenmerken (object kan elk zst nw zijn) - plaats geografisch, lokatie en plek - tijd en periode - frequentie, intervallen, beweging en patronen - oorsprong, oorzaak en causaliteit (liefst in een causaal schema omdat je daardoor scherper wordt). - bij een probleem ook de denkbare gevolgen, bedreigde doelen en beleving/opinie. - redenering, verantwoording en wederhoor. Je hoeft niet alle aspecten te benoemen. Ik denk dat de W-vragen met dit schema veel meer betekenis krijgen.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100