hoe komt het dat een autist vaak een stereotype, herhalende voor- en achterwaartse beweging maakt en wat is de functie ervan?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Mijn zoon is autistisch en daarbij hoogbegaafd. Met hem kun je goed praten over wat hij doet en waarom. Uit de literatuur komt vaak naar voren dat het herhalen van bewegingen rust geeft. Ik heb dat natuurlijk even gecheckt bij mijn zoon en hij zegt ook dat hij dat vooral doet als hij nerveus is of zich niet op zijn gemak voelt, zich geen houding weet te geven. Het geeft hem rust omdat het herkenbaar is. Een vast gegeven in de onrust om hem heen. Hij beweegt trouwens niet naar voor en achter, maar maakt fladderbewegingen met zijn handen/armen. Hoe slechter hij er aan toe is (dus hoe moeilijker hij het heeft) hoe meer hij dat doet. Voor een autist is de wereld van mensen die onverwachte dingen kunnen doen heel beangstigend. Iemand kan voor een autist zomaar ineens boos worden. Dit wordt nog versterkt omdat ze geen gezichtsuitdrukkingen kunnen lezen. Ze zien de boosheid dus niet opkomen, zeg maar. Mijn zoon moest vroeger zelfs heel erg lachen als ik boos was. Nu begrijp ik dat dat niet uit baldadigheid was,maar omdat in zijn beleving mijn gezicht er ineens zo gek uitzag. Wat voor mijn zoon heel veilig is om te doen is computerspelletjes. Die zijn altijd hetzelfde en dus voorspelbaar. Ook de hond is voor hem geweldig (zijn beste vriend zegt hij), want die is altijd blij hem te zien, is nooit nukkig en staat altijd klaar voor een knuffel of een 'gevecht'.

Ooit vroeg ik me dat ook af, maar dan in verband met blinden. Nadat ik een kennis dat zag doen in gezelschap die ziende was, en naar mijn inziens goed bij zijn verstandT was, ben ik dat thuis in mijn uppie gaan immiteren. Met mijn ogen dicht van voor naar achter in het middel gedeelte. Na enige tijd gaat dit een rustgevend gevoel geven, en begrijp je dat sommige mensen met een beperking (of niet) doen.

Iemand met autisme kan de wereld om hem of haar heen vaak als heel bedreigend ervaren. Dat heen en weer bewegen geeft de autist dan wat rust, hij trekt zich dan terug in z'n eigen wereldje. Iemand met autisme krijgt al snel te veel prikkels binnen en vindt het moeilijk om deze goed te ordenen en er een betekenis aan te geven in zijn hoofd. Hij wil graag altijd weten waar hij aan toe is. Voorspelbaarheid is hierbij belangrijk. Hij wil graag weten "wat" hij moet doen, met "wie", "hoe", "waar" en"wanneer" hij het moet doen. Als aan deze voorwaarden niet of niet voldoende voldaan wordt, kan iemand met een stoornis in het autistisch spectrum onrustig worden. En dan b.v. gaan zitten wiegen of ander stereotiep gedrag vertonen (zoals b.v fladderen met de armen).

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100