Is nagelbijten erfelijk?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Nagelbijten is een typisch stressgevoelige gewoonte, netzoals bijvoorbeeld aan je haren friemelen, duimzuigen, neuspeuteren en roken. Nagelbijten werkt als stress-uitlaatklep waardoor het op latere leeftijd ook nog voorkomt. Nagelbijten is opzich geen gevaar voor uw gezondheid - ware het niet dat er erg veel bacteriën op uw handen en nagels zitten waardoor er een risico voor infecties ontstaat - voor uw nagels maar ook voor uw mond. Voor de dames is er nog een onplezierige bijkomstigheid - een mooie manicure zit er vaak niet in. Toegevoegd na 2 minuten: Veel van de oorzaken zijn voor kinderen als voor volwassenen hetzelfde: stress, nervositeit, of gewoon pure verveling. Bij volwassenen komt nagelbijten soms voor nadat men is gestopt met roken, of hiermee probeert te stoppen, nagelbijten is dan de vervangende bezigheid. Bij volwassenen en kinderen komt nagelbijten eigenlijk het meeste voor als u iets anders aan het doen bent, onder het tv kijken, het lezen van een boek, of wanneer u aan het spelen bent, of een andere bezigheid waarbij u uw handen niet gebruikt. Bij kinderen komt het vaak voor dat ze het nagelbijt gedrag kopiëren van hun ouders.

Volgens Wikipedia wel: "Onder nagelbijten (onychofagie) verstaan we het afbijten van de vingernagels van vingers. Het afbijten van de nagels van de tenen wordt podophagie genoemd, het bijten op nagelriemen of stukjes zacht weefsel van de nagelwallen en/of vingertoppen heet onychotillomanie. Nagelbijten op zich is meestal een redelijk onschuldige bezigheid. Er zijn verschillende typen nagelbijters, de één doet het puur om van een stukje nagel af te komen, de ander bijt drang- of dwangmatig en onbewust. Nagelbijten is vaak een gevolg van nervositeit, stress, of simpelweg verveling. Naast het bekende copy/paste imitatie-gedrag is er niet zelden sprake van een erfelijke factor." De erfelijke factor zal waarschijnlijk in het omgaan met stress zitten.

Bronnen:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Nagelbijten

Voor klinisch psycholoog Ger Keijsers, universitair hoofddocent aan de Radboud Universiteit Nijmegen, gaat die conclusie iets te ver. ,,Ik zou een iets minder grote rol aan de genetische factoren toebedelen. Er zijn in de psychologie veel onderzoeken gedaan naar oorzaken en wat daar steeds weer uitkomt, is dat iets niet door één ding verklaard kan worden. Je moet zeker aan bepaalde genetische kenmerken voldoen, maar ook omgevingsfactoren en omstandigheden spelen een rol.’’

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100