Bron: Canva. Gaat je huisdier ook twee keer per jaar naar de tandarts? Risico's van te weinig controleren
Voor ons mensen is het de normaalste zaak van de wereld: we poetsen dagelijks onze tanden en gaan (meestal) braaf 2 keer per jaar naar de tandarts. Maar hoe zit dat eigenlijk met onze viervoeters? Veel baasjes gaan er onterecht van uit dat een slechte adem “er nu eenmaal bij hoort” bij een hond of kat. Niets is minder waar.
Gebitsproblemen zijn de nummer één aandoening bij huisdieren, en de gevolgen gaan veel verder dan alleen een stinkende bek. Waarom is die regelmatige controle zo belangrijk, en wat riskeer je als je het gebit van je huisdier negeert?
De stille pijn van onze huisdieren
Het grootste probleem bij gebitsproblemen is dat honden en katten meesters zijn in het verbergen van pijn. In de natuur betekent zwakte tonen dat je een prooi wordt. Daarom zal je hond vaak gewoon blijven eten, zelfs als hij kiespijn heeft die voor ons ondraaglijk zou zijn.
Tegen de tijd dat een dier stopt met eten of zichtbaar last heeft, is het probleem vaak al in een vergevorderd stadium. Preventieve controle is de enige manier om dit voor te zijn.
De 3 grootste risico’s van een slecht gebit
Het begint vaak onschuldig met wat tandplak. Dit verhardt binnen 24 tot 48 uur tot tandsteen, een ruw oppervlak waar bacteriën zich graag nestelen. Als hier niets aan gedaan wordt, liggen de volgende gevaren op de loer:
1. Tandvleesontsteking (Gingivitis) en Parodontitis
De bacteriën in het tandsteen kruipen onder de tandvleesrand. Dit veroorzaakt ontstekingen, waardoor het tandvlees zich terugtrekt en de tanden en kiezen los gaan zitten. Dit is niet alleen pijnlijk, maar leidt uiteindelijk tot het verlies van tanden.
2. De “Sluipmoordenaar”: Schade aan organen
Dit is het risico dat de meeste baasjes niet kennen. Het tandvlees is erg doorbloed. Bij een chronische ontsteking in de bek kunnen bacteriën in de bloedbaan terechtkomen. Via het bloed reizen ze naar vitale organen.
- Hartkleppen: Bacteriën kunnen zich hechten aan de hartkleppen, wat kan leiden tot hartfalen (endocarditis).
- Nieren en Lever: Deze filters van het lichaam raken overbelast en beschadigd door de constante stroom van bacteriën.
3. Kaakfracturen en abcessen
Bij ernstige verwaarlozing kan de ontsteking de kaakbotten aantasten. Bij kleinere hondenrassen kan de kaak hierdoor zo broos worden dat deze breekt door simpelweg ergens op te kauwen.
Ook kunnen er pijnlijke wortelpunten abcessen ontstaan die soms zelfs doorbreken onder het oog.
Signalen die je niet mag negeren
Hoe weet je of het tijd is voor een ingreep, als je dier de pijn verbergt? Let op deze signalen:
- Overmatig speekselen: Kwijlen kan duiden op misselijkheid of pijn in de bek.
- Zeer slechte adem: Een beetje ‘hondenlucht’ kan, maar een geur die je doet deinzen is niet normaal.
- Rood of bloedend tandvlees: Til de lip eens op. Het tandvlees moet roze zijn, niet vuurrood.
- Veranderd kauwgedrag: Kauwt je dier maar aan één kant, of laat hij brokken vallen?
- Niet aangeraakt willen worden: Trekt je hond of kat weg als je de kop wilt aaien?
Narcose bij oudere dieren en tandsteen dat steeds terugkomt
Je ziet dat het gebit van je oudere hond of kat er slecht aan toe is. Bruine aanslag, rood tandvlees en een lucht die niet te harden is. Je weet dat er iets moet gebeuren, maar je twijfelt. Is het wel veilig om een senior onder narcose te brengen? En heeft het wel zin als het gebit na drie maanden weer net zo vies is?
Dit is misschien wel de moeilijkste afweging voor baasjes. Laten we de feiten en fabels scheiden.
1. De angst voor de narcose: Terecht of niet?
“Hij is te oud voor narcose.” Dit is een veelgehoorde uitspraak, maar dierenartsen zeggen vaak: Ouderdom is geen ziekte. Een oud dier kan prima onder narcose, mits de gezondheid het toelaat.
Het risico zit hem niet in het getalletje van de leeftijd, maar in de functie van de nieren, lever en het hart.
- De oplossing: Bij oudere dieren is een pre-anesthetisch bloedonderzoek cruciaal. De dierenarts checkt of de organen de narcosemiddelen kunnen verwerken.
- Gasnarcose: Vraag of de kliniek gasnarcose en bewaking gebruikt. Dit is veel veiliger en beter regelbaar dan de “ouderwetse” prik, waardoor het dier na de ingreep ook veel sneller weer wakker en fit is.
De afweging: Je moet het risico van de narcose (dat met bloedonderzoek en gasnarcose heel klein is) afwegen tegen het risico van niets doen. Een verrot gebit is een constante bron van bacteriën die de nieren en hartkleppen van je oude dier juist slopen.
Vaak knappen oudere dieren na een gebitsreiniging enorm op; ze worden weer speels omdat ze verlost zijn van chronische hoofdpijn en kiespijn.
2. “Na 3 maanden is het weer terug!” Hoe kan dat?
Het is frustrerend: je hebt honderden euro’s betaald voor een reiniging, en na een seizoen zit het tandsteen er weer op. Is de dierenarts zijn werk niet goed gedaan?
Nee, helaas niet. Dit heeft 2 oorzaken:
- Aanleg en speeksel: Sommige rassen (zoals kleine hondjes, Greyhounds en bepaalde raskatten) hebben een speekselsamenstelling waardoor tandplak extreem snel mineraliseert tot tandsteen. Soms al binnen 2 weken.
- Het “Schone Lei” effect: Een gebitsreiniging is een reset, geen vaccinatie. Het maakt het gebit schoon op dag 1. Maar als je op dag 2 niet begint met onderhoud, begint het proces direct opnieuw.
De harde waarheid: Als je na een reiniging niet gaat poetsen, is het dweilen met de kraan open. Zeker bij dieren met aanleg. De reiniging haalt het tandsteen weg (ook onder het tandvlees, waar de ontsteking zit), maar jij moet zorgen dat het niet terugkomt.
3. Waarom “reinigen zonder narcose” (bij de trimmer) gevaarlijk is
Omdat baasjes bang zijn voor narcose, kiezen ze soms voor tandenpoets-services of reiniging zonder verdoving. Pas hiermee op.
- Hierbij wordt vaak alleen het zichtbare tandsteen weggekrabd.
- Het ziet er wit uit, maar de oorzaak (tandsteen onder het tandvlees en rotte wortels) blijft zitten.
- Het resultaat: Een dier met een stralend wit gebit dat vergaat van de pijn door rottende wortels die je niet ziet. Een goede reiniging moet onder het tandvlees gebeuren, en dat laat geen enkel dier toe zonder narcose.
Wat is het actieplan?
Is het gebit van je senior huisdier er slecht aan toe?
- Laat bloedonderzoek doen: Check of de nieren en lever goed zijn. Is dat zo? Dan is het risico van de rotte tanden groter dan het risico van de narcose.
- Saneren: Laat de rotte elementen trekken en het gebit professioneel reinigen. Pijnvrij zijn is kwaliteit van leven.
- Het nieuwe regime: Bespreek met de dierenarts wat haalbaar is ná de ingreep. Als poetsen echt niet lukt, zijn er speciale medische voedingen of gels die de vorming van nieuw tandsteen vertragen.
Laat je oude maatje niet rondlopen met kiespijn uit angst voor de narcose. Met de juiste voorzorgsmaatregelen geef je hem juist een tweede jeugd.
Wat als mijn hond of kat in een riscicogroep valt?
Voor een hond met een trauma rondom narcose is de tandheelkundige kennis belangrijk, maar de anesthesiologische kennis (narcose-expertise) is nóg belangrijker.
De “Gouden Standaard”: Universiteitskliniek Utrecht
Als je hond écht een hoog risico vormt (bijna overleden), is de Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren (UKG) in Utrecht vaak de veiligste plek.
- Waarom? Zij hebben als enige in Nederland een aparte afdeling Anesthesiologie. Er staat daar een gespecialiseerde anesthesist naast de tafel die zich alleen maar bezighoudt met de ademhaling, hartslag en bloeddruk van jouw hond, terwijl de tandarts opereert.
- Ze hebben apparatuur (zoals beademing) die gewone klinieken niet hebben.
- Nadeel: Het is vaak duurder en er kan een wachtlijst zijn.
Zoek naar leden van de NWVT
In Nederland is er de Werkgroep Veterinaire Tandheelkunde (NWVT). Dierenartsen die hierbij aangesloten zijn, hebben extra nascholing gevolgd en hebben hun praktijk vaak speciaal ingericht op tandheelkunde (inclusief betere bewakingsapparatuur).
- Zoek op Google naar: NWVT dierenarts [jouw provincie/stad]
- Of kijk of er een “Diplomate EVDC” in de buurt zit. Dat is de hoogste graad van specialisatie in Europa.
Zoek naar een “Verwijskliniek” of “Medisch Centrum”
Zoek niet op “dierenarts”, maar op “Verwijskliniek voor dieren” of “Dierenziekenhuis” in jouw regio (bijv. Noord-Brabant). Grote ketens zoals AniCura of Evidensia hebben vaak specifieke locaties die fungeren als ziekenhuis.
- Deze klinieken hebben vaak gasnarcose, uitgebreide bewaking (capnografie, ECG) en een recovery-ruimte met zuurstof.
Het telefoongesprek (De checklist)
Als je een kliniek hebt gevonden, bel ze op. Zeg direct: “Mijn hond heeft een slecht gebit, maar is de vorige keer bijna overleden tijdens een narcose. Ik zoek een kliniek die gespecialiseerde anesthesie-bewaking heeft.”
Stel daarna deze 3 controlevragen. Als ze op één van deze vragen twijfelachtig antwoorden: niet gaan.
- “Gebruiken jullie gasnarcose (isofluraan/sevofluraan) en intuberen jullie de hond?”
Antwoord moet JA zijn. Intuberen (buisje in de keel) is essentieel om te voorkomen dat viezigheid uit de bek in de longen komt én om te kunnen beademen als het misgaat. - “Is er tijdens de gebitsbehandeling iemand continu aanwezig die ALLEEN de narcose in de gaten houdt?”
Antwoord moet JA zijn. De dierenarts is bezig met de tanden. Er moet een paraveterinair (assistente) zijn die alleen naar de monitor kijkt en niet ondertussen de telefoon opneemt of schoonmaakt. - “Doen jullie vooraf een bloedonderzoek en kunnen jullie een infuus aanleggen tijdens de operatie?”
Antwoord moet JA zijn. Een infuus houdt de bloeddruk op peil, wat cruciaal is voor oudere honden of risicopatiënten.
Wat kun je zelf doen?
Voorkomen is beter (en goedkoper!) dan genezen. Een professionele gebitsreiniging onder narcose is kostbaar.
- Tandenpoetsen: Het klinkt misschien gek, maar dagelijks poetsen is de gouden standaard. Er zijn speciale tandenborstels en tandpasta’s (met vleessmaak) voor dieren. Gebruik nooit mensentandpasta; fluoride is giftig voor ze.
- Voeding en kauwsnacks: Harde brokken helpen tandplak mechanisch te verwijderen. Er zijn ook speciale ‘dental sticks’, maar zie deze als aanvulling, niet als vervanging van poetsen.
- De APK-check: Laat de dierenarts minstens één keer per jaar (bijvoorbeeld tijdens de vaccinatie) specifiek naar het gebit kijken.
- Ultrasone thuisreinigers: Nieuwe apparaten, zoals ultrasone gebitsreinigers met waterkoeling, geven je de mogelijkheid het gebit veilig thuis mee te onderhouden. Dit vermindert de noodzaak voor narcose bij professionele reinigingen.
- Let op klachten: Slomer gedrag, beginnen met één kant te eten of plots slechter uit de mond ruiken zijn signalen om extra alert te zijn.
Verwaarloos hun gebit niet
Samengevat: het is niet per se nodig om uw hond of kat 2 keer per jaar naar de dierenarts voor een gebitscontrole te brengen, tenzij er specifieke klachten zijn of je dierenarts dat aanraadt.
Een jaarlijkse controle, gecombineerd met dagelijkse (of minimaal regelmatige) gebitsverzorging thuis, is meestal voldoende. Wacht niet tot je huisdier stopt met eten. Een gezond gebit is de poort naar een gezond lichaam. Door nu aandacht te besteden aan die “vieze tanden”, bespaar je je huisdier veel pijn en voorkom je ernstige gezondheidsproblemen (en dierenartskosten) op de lange termijn.