Bron: Canva. Grotere kans op dementie voor avondmensen
Ben jij iemand die ’s avonds pas echt opbloeit, laat naar bed gaat en ’s ochtends moeilijk op gang komt? Dan is er nieuws dat je misschien even doet stilstaan. Uit recent onderzoek van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) blijkt dat avondmensen een grotere kans lopen op cognitieve achteruitgang dan ochtendmensen. En dat is niet zomaar een klein verschil.
Dementie in Nederland: een groeiend probleem
Voordat we ingaan op het onderzoek, is het goed om te beseffen hoe groot het probleem van dementie in Nederland al is. In 2024 leefden er in Nederland ruim 310.000 mensen met dementie. Daarvan zijn er 15.000 jonger dan 65 jaar. Naar verwachting loopt dit aantal de komende decennia fors op door de vergrijzing van de bevolking.
Wereldwijd hebben meer dan 55 miljoen mensen dementie, en elk jaar komen er ongeveer 10 miljoen nieuwe gevallen bij. Alzheimer is verantwoordelijk voor 60 tot 70 procent van alle dementie gevallen.
Het is precies deze groeiende zorgvraag die onderzoekers zoals Ana Wenzler van het UMCG motiveert om te zoeken naar factoren die dementie kunnen uitlokken, of juist voorkomen.
Het UMCG-onderzoek: chronotype en cognitie
Onder leiding van onderzoeker Ana Wenzler deed het UMCG onderzoek naar de relatie tussen ons zogenoemde chronotype, oftewel of je van nature een ochtend- of avondmens bent, en cognitieve achteruitgang. De resultaten werden gepubliceerd in een wetenschappelijk tijdschrift en trokken internationaal aandacht.
Het onderzoek is gedaan met 23.798 deelnemers van 40 jaar en ouder via de Lifelines Cohort Studie.
Uit het onderzoek blijkt dat avondmensen cognitief sneller achteruitgaan dan ochtendmensen. Opvallend is dat dit verschil het sterkst zichtbaar was bij hoogopgeleide avondmensen. De verklaring? Hoogopgeleiden hebben vaak banen met vroege werktijden, waardoor ze structureel te weinig slaap krijgen. Hun hersenen krijgen daardoor onvoldoende rust om te herstellen.
Waarom gaan onze hersenen sowieso achteruit?
Wenzler benadrukt dat de werking van onze hersenen na ons 40e levensjaar geleidelijk achteruitgaat, dat is bij iedereen het geval. Maar de snelheid waarmee dat gebeurt, verschilt per persoon en wordt beïnvloed door leefstijl, genetica én ons dagritme. Het chronotype is daarin een onderschatte factor. Iemand die van nature een avondmens is maar gedwongen wordt vroeg op te staan voor werk, leeft voortdurend in conflict met zijn biologische klok. Dit fenomeen wordt ook wel sociale jetlag genoemd en heeft meetbare gevolgen voor de gezondheid.
Avondmensen en ongezonde gewoonten
Uit het onderzoek komt ook naar voren dat avondmensen vaker ongezond gedrag vertonen dan ochtendmensen. Denk aan:
- Roken
- Overmatig alcoholgebruik
- Ongezonde eetgewoonten, met name ’s avonds laat
Deze gewoonten versterken het risico op cognitieve achteruitgang nog verder.
Uit bredere wetenschappelijke literatuur blijkt bovendien dat verstoringen in het slaapritme samenhangen met een verhoogd risico op obesitas, diabetes type 2 en mentale stoornissen, aandoeningen die op hun beurt ook het risico op dementie verhogen.
Toch is het belangrijk om één nuance te maken: onderzoekers spreken vooralsnog over een snellere cognitieve achteruitgang, niet over een bewezen hogere kans op dementie. Zo correspondeert elk uur later slapen met een 0,80 punt extra achteruitgang op een cognitieve functietest over een periode van 10 jaar, met name bij hoogopgeleide avondmensen. Ongeveer 25% van dat risico is te verklaren door ongezond gedrag zoals roken en slecht slapen.
Vervolgonderzoek moet uitwijzen of dit ook daadwerkelijk leidt tot een hogere kans op dementie.
Kun je er iets aan doen?
Het goede nieuws, aldus Wenzler zelf: “Je kunt deze cognitieve achteruitgang deels beïnvloeden door je gedrag aan te passen.” Je hoeft je chronotype niet volledig om te gooien, dat lukt toch niet, maar kleine aanpassingen kunnen al een groot verschil maken.
Praktische tips voor avondmensen:
- Consistente slaaptijden. Probeer elke dag op dezelfde tijd naar bed te gaan en op te staan, ook in het weekend.
- Lichttherapie in de ochtend. Blootstelling aan helder licht direct na het opstaan helpt je biologische klok te resetten en bevordert alertheid.
- Vermijd schermen voor het slapengaan. Blauw licht van telefoons en laptops verstoort de aanmaak van melatonine.
- Beweeg regelmatig. Lichaamsbeweging ondersteunt een gezond slaapritme en beschermt de hersenen.
- Beperk alcohol en cafeïne in de avonduren.
Pleidooi voor flexibeler werken
Wenzler pleit ook voor een maatschappelijke verandering: meer flexibiliteit op de werkvloer. Als avondmensen later kunnen beginnen met werken, sluiten hun werktijden beter aan bij hun natuurlijke ritme. Dat betekent meer slaap, minder stress op de hersenen en op de lange termijn mogelijk minder cognitieve achteruitgang.
In een tijd waarin thuiswerken en flexibele werktijden steeds normaler worden, is dit een kans die werkgevers serieus zouden mogen nemen.
Ken je eigen ritme
Ben je een avondmens? Dan is dit geen reden tot paniek, maar wel een wake-up call, letterlijk. Je chronotype is grotendeels aangeboren en niet volledig te veranderen. Maar door bewust om te gaan met je slaap, leefstijl en dagritme, kun je je hersenen wél beter beschermen tegen vroegtijdige achteruitgang.
En voor werkgevers, beleidsmakers en de samenleving als geheel geldt: het wordt tijd om serieus te kijken naar hoe we omgaan met de biologische diversiteit in slaapritmes, want de gezondheidswinst kan aanzienlijk zijn.
Let op: Startpagina geeft geen medisch advies. Raadpleeg bij twijfel altijd een arts of specialist.
Bron:
UMCG