Ga naar de inhoud

NVWA vindt 103 pesticiden op geïmporteerde rozen, RIVM waarschuwt voor risico’s

Update:
de risico's van geïmporteerde rozen Bron: © Canva - de risico's van geïmporteerde rozen 

Een bos rozen in huis voelt luxe, maar op geïmporteerde rozen kunnen tientallen bestrijdingsmiddelen zitten. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) heeft rozen van buiten de Europese Unie onderzocht en trof maar liefst 103 verschillende stoffen aan. Uit de eerste risico-inschatting van het RIVM komt naar voren wie het meest gevaar loopt.

Vooral mensen die dagelijks met snijbloemen werken, kunnen mogelijk te veel van bepaalde middelen binnenkrijgen. Voor consumenten is het risico kleiner, maar helemaal uitsluiten kan de overheid het niet. Lees hieronder hoe het precies zit:

Waarom de NVWA juist rozen onderzocht

Rozen zijn de meest geïmporteerde snijbloem in Nederland. Een deel van die rozen komt uit landen buiten de EU, zoals in Afrika en Zuid-Amerika. Daar gelden andere regels voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen dan binnen Europa.

Daarom nam de NVWA een steekproef van 177 monsters rozen en liet die in een laboratorium analyseren. Het RIVM maakte vervolgens een verkennende risico-inschatting op basis van de gevonden hoeveelheden. Verder onderzoek is nodig om deze inschatting te verbeteren meldt het RIVM.

Lees ook: Bosje bloemen bevat vaak verboden en schadelijke pesticiden.

103 verschillende stoffen gevonden op geïmporteerde rozen

In de onderzochte rozen werden 103 verschillende residuen (restanten) van bestrijdingsmiddelen aangetroffen. Voor het grootste deel kon het RIVM een gezondheidskundige grenswaarde vaststellen: een hoeveelheid die iemand maximaal mag binnenkrijgen zonder gezondheidseffecten te verwachten.

Opvallend is dat het juist bij sommige stoffen wél spannend wordt, vooral voor mensen die beroepsmatig met grote hoeveelheden bloemen werken.

Grootste risico: bloemisten, veilingmedewerkers en importeurs

Het RIVM schat dat de blootstelling voor werkenden in de bloemensector in sommige gevallen hoger kan zijn dan de grenswaarde. Zelfs als zij handschoenen dragen en armen en benen bedekken, geldt dat volgens de inschatting voor ongeveer 5% van de aangetroffen stoffen. Zonder beschermende kleding loopt dat op naar ongeveer 20%.

Dat speelt vooral bij:

  • bloemisten
  • medewerkers op bloemenveilingen
  • importeurs en groothandel

Voor inspecteurs ligt het risico lager, omdat zij minder lang en minder intensief contact hebben met de bloemen.

De tekst gaat onder het bericht verder >>

Consumenten lopen minder risico

Voor mensen die thuis een bos rozen in een vaas zetten, verwacht het RIVM een veel lagere blootstelling. Daarom leveren de meeste gevonden stoffen waarschijnlijk geen direct gezondheidsrisico op voor consumenten.

Eten van rozenblaadjes wordt afgeraden

Toch is er een belangrijke waarschuwing: eet geen rozenblaadjes van rozen die niet speciaal voor consumptie zijn geteeld. Dat kan wél een risico vormen, met name voor kleine kinderen.

Gezondheidsrisico’s: van huidklachten tot effecten op het zenuwstelsel

Gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt tegen schimmels, insecten en onkruid, maar kunnen ook ongewenste effecten hebben op mensen en dieren.

Afhankelijk van de stof en de hoeveelheid blootstelling kunnen mogelijke effecten variëren van:

  1. huidirritatie of allergische reacties
  2. effecten op het immuunsysteem
  3. impact op het zenuwstelsel
  4. in sommige gevallen zelfs een verhoogd risico op ernstige aandoeningen

De precieze gevolgen bij langdurige blootstelling via snijbloemen zijn nog niet volledig duidelijk. Ondanks dat het risico (nu) laag is, vermijd je het liefst deze effecten.

De tekst gaat onder het bericht verder >>

Ook risico’s voor natuur en milieu

In de risicobeoordeling worden niet alleen mogelijke gezondheidsrisico’s genoemd, maar ook milieurisico’s. Als geïmporteerde rozen bij het gft-afval of op de composthoop belanden, kunnen resten van bestrijdingsmiddelen in het milieu terechtkomen.

Daarbij signaleert de NVWA mogelijke gevolgen voor:

  • bodemorganismen
  • bijen en andere insecten
  • én een risico op schimmelresistentie tegen bepaalde middelen (zoals azolen)

Gooi rozen niet bij gft-afval

De oproep is daarom duidelijk: gooi snijbloemen niet bij het gft, maar bij het restafval.

NVWA wil regulering van residuen op snijbloemen van buiten de EU

BuRO (het Bureau Risicobeoordeling & onderzoek binnen de NVWA) doet de aanbeveling om residuen op geïmporteerde rozen en andere snijbloemen strenger te reguleren.

Zolang dat niet beter is geregeld, moeten betrokken partijen in de keten extra maatregelen nemen om risico’s te beperken.

Denk aan:

  • betere bescherming voor werkenden
  • minder handmatig contact (meer automatisering)
  • heldere voorlichting aan consumenten over afval en gebruik

Meer onderzoek op komst

De NVWA wil deze bevindingen gebruiken voor een meerjarige toezichtstrategie en kondigt aan dat vervolgonderzoek logisch is. Niet alleen naar rozen, maar ook naar andere snijbloemen en sierteeltproducten uit landen buiten de EU.

Wat kun je als consument nu doen?

  • Zet rozen gerust in een vaas, maar was je handen na het schikken
  • Laat kinderen niet met bloemstelen spelen
  • Laat huisdieren niet eraan sabbelen
  • Eet geen rozenblaadjes, tenzij ze bedoeld zijn voor consumptie
  • Gooi rozen en andere snijbloemen bij het restafval, niet bij gft/compost

De internationale bloemenhandel blijft een opvallende paradox: Nederland staat bekend als bloemenland en exporteert volop, maar haalt tegelijkertijd enorme hoeveelheden snijbloemen van ver buiten Europa. Dat lijkt niet alleen duurder door transport en koeling, het roept ook vragen op over de klimaatimpact en duurzaamheid van de keten.

De roos legt daarmee een groter verhaal bloot: hoe logisch is het eigenlijk dat we bloemen de wereld over vliegen om ze een paar dagen in een vaas te zetten?

Consumenten en bedrijven kunnen voor hun vragen contact opnemen met het NVWA Klantcontactcentrum.

Bronnen

NVWA, RIVM

Meer over: