Ga naar de inhoud

Wees de fluweelmijt voor voordat deze ziekmakende parasiet zijn sporen nalaat

fluweelmijt Bron: De fluweelmijt kan je ziek maken. 

Het zijn de bekende insecten waar we regelmatig voor gewaarschuwd worden. De wesp. De hoornaar. De teek. De huisstofmijt. We horen maar weinig over de fluweelmijt met de misleidende bijnaam ‘geluksspin’.

Klinkt onschuldig? Dat is het absoluut niet.

Deze piepkleine rode parasiet duikt steeds vaker op in kippenhokken en duiventillen, vooral met warm weer. En wie eenmaal een besmetting heeft… komt er niet zomaar vanaf. Zelf als je geen kippen of vogels hebt is het verstandig om door te lezen. Wat maakt deze mijt zo gevaarlijk? Hoe herken je een besmetting voordat het te laat is? En misschien nog belangrijker: hoe kom je er weer vanaf?

Wat zijn deze kleine rode spinnetjes en hoe zijn ze te bestrijden?

Wat is de fluweelmijt en waarom moet je oppassen?

De fluweelmijt is, naast de huisstofmijt, een van de meest voorkomende mijten, maar ook een van de meest onderschatte. Ze leven vooral bij vogels zoals kippen en duiven en voeden zich met hun bloed. Maar daar stopt het niet. Ook mensen en andere dieren kunnen gebeten worden. Dat kan leiden tot jeuk, huidirritatie en zelfs allergische reacties. Deze kleine parasiet laat dus zeker sporen achter.

Bron soms dichterbij dan je denkt

Ook de omgeving speelt een belangrijke rol bij een fluweelmijtprobleem. Hebben je buren een kippenhok of zit er een vogelnest onder je dakpannen, dan kan dat ongemerkt een bron van overlast worden. Fluweelmijten leven namelijk op vogels, maar zodra een nest verlaten wordt of de populatie te groot groeit, verspreiden ze zich naar de omgeving – soms zelfs tot in huis.

Vooral in de lente en zomer neemt het risico toe. Je kunt dit merken aan jeuk, kleine rode bultjes of mijten die via kieren en ventilatieopeningen naar binnen komen. Hoewel ze voor mensen meestal niet gevaarlijk zijn, kunnen ze wel voor flinke irritatie zorgen. Het is daarom verstandig om verlaten nesten tijdig te verwijderen, je woning goed af te dichten en alert te zijn als er in de buurt vogels worden gehouden.

Hoe ziet de fluweelmijt eruit?

Het lastige aan de fluweelmijt is dat je ze bijna niet ziet. Ze zijn extreem klein en verstoppen zich goed. Toch zijn er een paar kenmerken waaraan je ze kunt herkennen: ze zijn donkerbruin tot roodachtig van kleur, hebben een langwerpig lichaam met fijne haartjes en acht poten. Daarnaast bewegen ze zich snel over oppervlakken.

Juist omdat ze zo klein en snel zijn, blijven ze vaak lange tijd onopgemerkt.

Ze zijn gemiddeld slechts 0,5 tot 1 millimeter groot, vergelijkbaar met een minuscuul stipje. In eerste instantie lijken het kleine, bewegende puntjes die je gemakkelijk over het hoofd ziet. De kleur van deze mijten verandert afhankelijk van hun voeding: zonder bloed zijn ze grijsachtig of donker, maar na het voeden kleuren ze rood tot donkerrood. Juist doordat ze zo klein zijn en zich snel verplaatsen, worden ze vaak pas opgemerkt wanneer er al sprake is van een grotere besmetting.

De levenscyclus: waarom een plaag zo snel uit de hand loopt

De fluweelmijt doorloopt verschillende stadia: ei, larve, nimf en volwassen mijt. Na de bevruchting legt het vrouwtje haar eitjes in kieren en spleten, vaak dicht bij vogelnesten. Binnen enkele dagen komen deze uit en beginnen de larven zich direct te voeden met bloed. Doordat deze cyclus zich snel herhaalt, kan een kleine besmetting in korte tijd uitgroeien tot een grote plaag. Eén gemiste plek kan al genoeg zijn om opnieuw te beginnen.

Zo herken je een fluweelmijtbesmetting

Fluweelmijten verstoppen zich overdag en komen ’s nachts tevoorschijn. Daardoor worden ze vaak pas laat ontdekt. Ze zitten meestal in nesten, zitstokken, voerbakken en kieren van het hok. Pas wanneer vogels ander gedrag gaan vertonen of verzwakken, vallen ze op. Let op de volgende signalen:

  • Jeuk en huidirritatie bij mensen
  • Kleine bloedvlekjes op beddengoed of in het hok
  • Onrustige of verzwakte vogels
  • Gewichtsverlies of verminderde eierproductie

Zie je deze signalen? Dan is de kans groot dat er al sprake is van een besmetting. Vooral jonge, zieke of verzwakte vogels lopen risico. Bij een zware besmetting kunnen ze uiteindelijk overlijden door uitputting of ernstig bloedverlies.

Voorkomen is beter dan bestrijden

Een fluweelmijtbesmetting voorkomen is eenvoudiger dan deze bestrijden. Toch wordt dit vaak onderschat. Belangrijke maatregelen zijn het schoon en droog houden van het vogelhok, het gebruik van geschikte materialen waarin mijten zich minder goed kunnen nestelen en het controleren van nieuwe vogels voordat je ze toevoegt. Daarnaast is het verstandig om contact met wilde vogels te beperken en altijd je handen te wassen na het verzorgen van dieren.

Fluweelmijt bestrijden: zo pak je het aan

Als je een besmetting vermoedt, is snel handelen belangrijk. Begin met het isoleren van besmette vogels om verdere verspreiding te voorkomen. Reinig vervolgens het hok grondig, inclusief alle accessoires zoals zitstokken en voerbakken. Daarna is desinfectie noodzakelijk om ook de achtergebleven mijten te doden.

In veel gevallen is het verstandig om een dierenarts te raadplegen voor geschikte anti-parasitaire middelen. Houd er rekening mee dat één behandeling vaak niet voldoende is. Herhaling is nodig om de volledige cyclus te doorbreken.

Meer over: