Wanneer gebruik je welke t-toets/t-test?

Wanneer gebruik je éénzijdig en tweezijdig?
Wanneer gebruik je gepaarde t-toets, twee steekproeven met gelijke varianties en twee steekproeven met ongelijke varianties?

Weet jij het antwoord?

/2500

Gepaarde t-toets als je twee sets metingen hebt die paarsgewijs bij elkaar horen (bijvoorbeeld een herhaalde meting aan dezelfde proefpersonen); als de groepen metingen onafhankelijk zijn, dus de steekproef is een andere, dan een onafhankelijke toets. Gelijke en ongelijke varianties als je aanneemt dat de twee metingen een uitkomst betreffen die -respectievelijk- een gelijke en ongelijke grootte van spreiding hebben. Ongelijke variantie maakt de minste aannames en is daarmee het veiligst, maar wel iets minder gevoelig als de spreidingen in werkelijkheid wél gelijk zijn. Eenzijdige toetsen gebruik je als je alternatieve hypothese is dat de ene groep een grotere uitkomst heeft dan de andere (normaal mag je dat alleen doen als je goede redenen hebt waarom die ene groep niet een kleinere uitkomst kán hebben), en tweezijdige toetsen als de alternatieve hypothese is dat de groepen verschillen in welke richting dan ook. Tweezijdig toetsen is het veiligst, want maakt de minste aannamen, maar is weer minder gevoelig als het teken van het verschil maar één kant op kan gaan. Wat je ook kiest, altijd duidelijk maken in je verslag/artikel wat je gedaan hebt.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100