Ik heb twee waterkranen: 1 met 10 *C en een met 60 *C. Hoeveel heb ik uit iedere kraan nodig om 1 liter van 40 *C te maken?

Graag ook de berekening zodat ik zelf met andere waarden kan rekenen.

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Je hebt nodig: x ltr. à 10°C y ltr. à 60°C Formule 1: x * 10°C + y * 60°C = 40°C Formule 2: x + y = 1 ltr. Uit formule 2 volgt: y = 1 - x Deze vullen we in in formule 1. x * 10 + (1 - x) * 60 = 40 x * 10 + (1 * 60 - x * 60) = 40 iets anders noteren: 10x + 60 -60x = 40 10x - 60x = 40 - 60 -50x = -20 x = -20/-50 = 0,4 y = 1 - x = 1 - 0,4 = 0,6 Resumé: Je hebt nodig: 0,4 ltr. à 10°C en 0,6 ltr. à 60°C Controle: 0,4 * 10 + 0,6 * 60 = 40 4 + 36 = 40 (klopt)

Het volume maal de temperatuur bepaalt de invloed: Va*10C+Vb*60C=Ve*40 Ve (eindvolume) is bekend: 1l Verder weet je dat Ve=Va+Vb=1l Je hebt dus twee vergelijkingen met twee onbekenden (Va en Vb) Uit vergelijking twee kun je halen wat Va is t.o.v. Vb: Va+Vb=1 => Va = 1-Vb Nu kun je in de eerste vergelijking Va vervangen door Vb: (1-Vb)*10+Vb*60=40 Dit kun je uitwerken tot: 10-10Vb+60Vb=40 Door nu alles met Vb naar de ene kant van de '=' te zetten en alles zonder Vb naar de andere kant (denk aan de minnetjes en plusjes), krijg je: 60Vb-10Vb=40-10 => 50Vb=30 Hieruit volgt dat Vb=30/50=0,6l Dan is Va=1-Vb=1-0,6=0,4l Wanneer je dit ter controle invult in vergelijking 1: 0,4*10+0,6*60=4+36=40

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100