Waarvan hangt de elektronegativiteit van een atoom af?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Wat oa bepalend is voor de elektronegativiteit is het aantal protonen in de kern. Hoe meer protonen in de kern hoe sterker de kracht (zie 1). Dat elementen met meer schillen (hogere periode) minder elektronegativiteit heeft kan hieraan liggen dat elektronen die verder van de kern verwijderd zijn worden minder aangetrokken door de kern en kunnen dus makkelijker door een ander atoom worden 'weggetrokken'. (zie 2). Van belang is tevens nog dat elektronen in verschillende banen ('schillen') rond de kern voorkomen , en sommige banen schermen de kern beter af dan andere banen. Als een atoom dus veel elektronen in een minder goed afschermende baan heeft dan zal de aantrekkingskracht van de kern toch merkbaar zijn voor een ander atoom. 1-)Algemeen zijn in het periodiek systeem enkele trends te zien in de elektronegativiteit van de elementen. Van links naar rechts in een periode stijgt de elektronegativiteit. Dit komt omdat de elementen rechts meer protonen bezitten, zodat de kern een grotere aantrekkingskracht op de elektronenschillen heeft. De elektronenschillen liggen daarom dichter bij de kern en de atoomstraal is kleiner. Als de schillen dichter bij de kern liggen, waar de aantrekkingskracht van de protonen groter is, worden "vreemde" elektronen makkelijker ingevangen. 2-)Van boven naar beneden in dezelfde groep daalt de elektronegativiteit. Over het algemeen stijgt de elektronegativiteit diagonaal van linksonder naar rechtsboven in het periodiek systeem. Linksonder zijn de metalen te vinden, elementen met een relatief lage elektronegativiteit. Rechtsboven bevinden zich de metalloïden en niet-metalen, die juist een relatief hoge elektronegativiteit hebben. https://nl.wikipedia.org/wiki/Elektronegativiteit http://www.wetenschapsforum.nl/index.php/topic/9243-hoe-komt-een-atoom-aan-zijn-elektronegativiteit/

Van het aantal elektronen in DE BUITENSTE schil van het atoom. De buitenste schil van het atoom wil voldoen aan de octetregel; hij wil altijd acht elektronen in de schil hebben. Als er zeven elektronen inzitten, heeft hij er dus een te weinig, is de elektronegativiteit dus -1. als er tien elektronen inzitten, heeft hij er dus twee te veel, is de elektronegativiteit dus +2.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100