Worden nieuwe deeltjes nu gemaakt of ontdekt?

Men heeft inmiddels al tientallen zo niet honderden (sub)atomaire deeltjes 'ontdekt'. Dat gebeurt dan bijvoorbeeld in het CERN, waarbij met grote energieën deeltjes op elkaar worden gebotst.
Voorbeelden daarvan zijn bijv. het muon en het tau-deeltje. Met steeds grotere energieën worden de botsingen uitgevoerd. Hierbij werd het muon gevonden dat 206 keer zo zwaar is als het elektron en met nog grotere energieën werd het tau-deeltje gevonden dat twee keer de massa van een proton heeft.

Maar stel ik schiet met een geweer een kogel op een sterke muur af. Als ik de kogel met 500km/u schiet zal de kogel in andere deeltjes worden gevormd als dat ik een kogel met 2000km/u op de muur afschiet. Het is dus maar net hoe hard ik de kogel afschiet om bepaalde kogelvormen te krijgen. In die zin kun je dus bijna een oneindig aantal deeltjes creëren door 'gewoon' de snelheid te veranderen.

Dus werkt het in CERN ook op die manier of kun je het meer vergelijken met een doos die je opent? Stel je hebt een Matroesjka-doos met allerlei deeltjes erin je schiet daarop met een kogel en naar gelang de snelheid van de kogel opent zich de eerst tweede of derde etc. pop. De deeltjes bestaan dus al maar de 'Pandora'doos moet eerst nog helemaal open worden gebroken?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Er bestaat een beperkt (maar wel groot) aantal elementaire deeltjes. Die worden gevormd afhankelijk van de deeltjes die je op elkaar schiet en de energie waarmee dat gebeurt. Dat is iets anders dan een kogel op een muur schieten. Daar worden geen elementaire deeltjes gevormd, maar brokstukken die uit precies dezelfde atomen bestaan als de muur, de kogel en eventueel de lucht - alleen dan in een andere soort "klont". De botsingen die bij CERN plaatsvinden, vinden niet alleen bij CERN plaats. Ze vinden continu plaats, op heel veel plekken in het universum. Daar gebeurt (onder de aanname dat de natuurwetten altijd en overal hetzelfde zijn als hier en nu bij CERN) hetzelfde als bij CERN. Met al dat geknal onderzoeken we dus de materie zelf, oftewel: de fundamentele eigenschappen van materie en energie. We doen niets dat niet eerder is gebeurd, we doen niets dat niet elders al gebeurt, we creëren niets nieuws - we kijken alleen maar wat er gebeurt, en door verbanden te leggen tussen alle waarnemingen (en door flink te rekenen) proberen we inzicht te krijgen in de aard van materie en energie.   Toegevoegd na 20 uur:   Je vraagt specifiek naar het Matroesjka-effect, dus daar zal ik nu dieper op ingaan. Het Matroesjka-effect is tot op zekere hoogte van toepassing. Een mens bestaat bijvoorbeeld uit organen (vereenvoudigd beeld), organen uit cellen, cellen uit organellen, organellen uit moleculen, moleculen uit atomen, atomen uit subatomaire deeltjes, en die soms wel en soms niet uit kleinere deeltjes. Het elektron is bijvoorbeeld een elementair deeltje. Dat kan niet meer worden "opengemaakt" om nieuwe, kleinere deeltjes te vinden. Het proton is wel subatomair, maar niet elementair. Het bestaat namelijk uit kleinere deeltjes (Matroesjka), onder andere uit quarks. Het tau dat je noemt is dan wel weer een elementair deeltje. Het kan niet worden "opengebroken" om kleinere deeltjes te vinden waaruit het zou bestaan. Het is dus even elementair als het elektron. Het tau vervalt wel. Maar dat betekent niet dat het vóórdat het verviel al uit de vervalproducten bestond. Die vervalproducten ontstaan pas *tijdens* het verval. We kunnen dat zien aan het feit dat het tau op meerdere manieren kan vervallen, waarbij geheel verschillende deeltjes ontstaan. (Verdere uitleg past hier niet; die zet ik in de zesde reactie onder dit antwoord.)  

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100