Hoe wordt de effectiviteit van een pijnstiller bepaald ?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Pijn wordt - zowel in onderzoeken als in het ziekenhuis bij de individuele patiënt - vaak uitgedrukt in een score van 1-10 (soms 0-10). Daarbij is 1 geen pijn en 10 "de ergste pijn die u zich voor kunt stellen". Bij een onderzoek naar de effectiviteit van medicijnen wordt indien enigszins mogelijk een dubbelblind placebogecontroleerd onderzoek gedaan. Afhankelijk van wat de onderzoeker precies wil meten, zal er naast de pijnscore ook gevraagd worden naar bijvoorbeeld het activiteitenniveau van deelnemers of worden andere pijnscorelijsten gebruikt, eventueel gecombineerd met een observatielijst voor de onderzoekers. Meer algemeen wordt er gebruik gemaakt van gevalideerde vragenlijsten in een dubbelblind, placebogecontroleerd onderzoek. Dat zijn dus vragenlijsten die eerder al hebben bewezen dat zij vrij goed in staat zijn om te meten wat zij beogen te meten, namelijk de mate waarin iemand pijn ervaart. Pijn zélf in niet te meten, maar observaties van pijngedrág (iemand legt zijn hand op de zere plek, mankt, heeft bewegingsdrang of gaat juist heel stil zitten of liggen, maar ook: iemand ziet bleek, heeft klamme handen, zweet erg, eet niet of weinig, klaagt over pijn, is wel of niet in staat om zich te concentreren op andere zaken dan de pijn, etc.) blijken vrij betrouwbaar te kunnen bepalen of en hoeveel pijn iemand heeft. Als die observaties worden gecombineerd met vragenlijsten die de patiënt invult over de ervaren pijn, de ernst van die pijn en de mate waarin die pijn invaliderend is, kom je toch een heel eind. Er zijn genoeg vragenlijsten ontwikkeld op dat vlak: soms specifieke vragenlijsten die alleen van toepassing zijn op bepaalde pijnklachten (bijvoorbeeld: nek- en rugklachten, gewrichtsklachten of buikpijn) en soms algemene vragenlijsten over pijn, of gedachten over pijn, gevoelde emoties bij de pijn en de mate waarin pijn van invloed is op de activiteiten die iemand uitvoert. Wanneer al die informatie bij een groep mensen die groot genoeg is (en representatief is voor de patiëntengroep waarover men een uitspraak wil doen) op een statistisch juiste manier verwerkt wordt, kun je pijn en ook pijnvermindering uitdrukken in cijfers en zo uitspraken doen over de effectiviteit van een pijnstiller in vergelijking met een placebo. Het blijft uiteraard subjectief, maar dat is nu eenmaal de aard van het fenomeen pijn. Als de onderzoeksgroep groot genoeg is, verklein je de kans dat een groot deel van de bevolking totaal anders reageert dan je testgroep.

Door zo nauwkeurig mogelijk te proberen te bepalen hoe snel, hoe sterk en hoe lang een pijnstiller werkt. En dat doen ze door heel veel onderzoek met heel veel proefpersonen. De onderlinge verschillen tussen mensen kunnen echter enorm zijn. Evenals de verwachting van de patiënt. Je moest ze de kost geven die beweren dat gewone paracetamol ' bij hen niet werkt' , maar dat ineens prima blijkt te werken als je er een andere naam en een hoger prijskaartje aan plakt....of zelfs de pil een ander vormpje of kleurtje geeft. Ook bij echte medicijnen speelt het placebo/nocebo-effect een grote rol. Maar door dubbelblinde onderzoeken weten we wel dat en hoe goed ze werken. Pijn is heel subjectief. Pillen zijn dat niet. Maar de suggestie bepaalt wel voor een groot deel hoe de pijnstiller bij jou zal werken ; daar is geen kruid tegen gewassen.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100