Wat maakt dat de een plaats op dezelfde zuider- als noorderbreedte niet hetzelfde aantal aantal daglichturen krijgt??

Afgelopen december waren wij in Ushuaia (Vuurland, Argentinië) op 54,5 graden zuiderbreedte. Daar werd het 's nachts niet helemaal donker, er bleef nog een beetje licht aan de horizon glooien. Op het noordelijk halfrond is deze plek vergelijkbaar met Hamburg (eigenlijk net iets ten noorden daarvan), maar daar is het rond half juni volgens mij gewoon donker 's nachts.
Het aantal daglichturen op een plek heeft met de kanteling van de aarde t.o.v. de zon te maken, maar dan zouden toch beide plekken evenveel daglichturen moeten hebben??

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Jouw aanname is correct dat je op gelijke breedte een gelijk aantal daglichturen zou moeten hebben. Je zou dus in Ushuaia geen daglicht kunnen zien aan de horizon op de door jou aangegeven datum. Wat wel zou kunnen, is dat je, omdat het in Ushuaia veel beter donker wordt, het zodiakaal licht ziet. Zodiakaal licht is een zwak schijnsel dat veroorzaakt wordt door reflectie van zonlicht op stofdeeltjes in de ruimte, in het vlak van de planeten. Dit kan aan een goed donkere horizon een lichte gloed geven. Hieronder een link naar de Astronomy Picture of the Day van 28 december, waarop je links van het Melkweg-licht nog een lichte band langs de hemel ziet (door Mercurius en Jupiter). Dit licht kan nog veel helderder zijn dan op deze foto. Omdat het in hetzelfde vlak ligt als de zon en de meeste planeten, kan het zijn dat je het als zonlicht interpreteert, maar dat is het niet.

Bronnen:
http://antwrp.gsfc.nasa.gov/apod/ap101228.html

Inderdaad, op dezelfde breedte zou op hetzelfde moment in het jaar (of een half jaar verwschoven) hetzelfde licht regime moeten gelden. En ik vermoed dat dat ook zo is: In Nederland heb je op sommige zomeravonden ook op 1 uur 's nachts nog een lichte scherming in de lucht zitten, noord duitsland zal dat ook wel hebben.

Er is nog een kleinigheid die mee telt hoe laat het donker wordt...de hoogte waarop je je bevindt. Op een hoge berg gaat de zon later onder en komt die eerder op dan op zee niveau...zal vaak niet meer dan enkele minuten zijn maar toch. Overigens is 54,5 graad wel een stukje dichter bij de pool dan onze 50-53 graden (nederland/noord duitsland) Vergelijk zou meer moeten met een punt in denemarken. Uit ervaring weet ik dat Noor denemarken.zuid noorwegen ook nauwelijks meer een volledig donkere nacht hebben rond 21 juni.

Het ligt er een beetje aan hoe donker de waarnemingsplaats is. In Nederland zie je op een echte donkere plaats rond 21 juni ook de lichtweerschijn langs de noordelijke horizon verplaatsen. Echter is een zeer donkere plaats in Nederland erg moeilijk te vinden. In het noorden van Groningen. De astronomische schemering duurt totdat de zon 18 graden onder de horizon is. In Nederland komt de zon gedurende enige tijd niet onder deze grens en wordt het astronomisch gezien geen nacht. We noemen dit de zogenaamde 'grijze'nachten. In Vuurland zou het ongetwijfeld donker genoeg zijn om dit verschijnsel wel waar te nemen.

Dit zou twee redenen kunnen hebben 1.De lichtvervuiling is op Vuurland zeer laag : dus fenomenen ,maar ook sterren kunnen daar veel intenser worden waargenomen...ook het verschil tussen pooldag en poolnacht. Maar tenslotte geldt daar ook de regel van de poolcirkel , dus heel veel kan het in principe niet uitmaken. Op dezelfde Noorderbreedte zijn die verschijnselen hier ook wel eens zichtbaar , maar zelden duidelijk. 2. Een tweede reden zou kunnen zijn de lichte excentriciteit die de Aardbaan rond de Zon maakt. Of dit op de Aarde ‘echt’ invloed heeft is me niet bekend , maar op een vergelijkbare planeet ‘Mars ’ is dit extreem duidelijk. Ook de kanteling van de Aarde zou een minimale invloed kunnen hebben Wat specifiek het Zuiderlicht betreft: dit is in tegenstelling tot het Noorderlicht normaal gezien pas veel zuidelijker zichtbaar (vanaf ongeveer het Antarctica vasteland )....maar dit zou in de komende tijd wel eens grondig kunnen veranderen bij een waarschijnlijke magnetische storm ....dan zal de zichtbaarheid van noorder- en zuiderlicht heel wat naar de evenaar kunnen opschuiven.