Hoe deel je een bestuurslid van een stichting mee dat hij beter kan weggaan wegens gebrek aan vertrouwen?

Het bestuurslid funktioneert niet. Het merendeel van het bestuur van de stichting is het ermee eens. Moet het hele bestuur aanwezig zijn om hem dit mee te delen? Wat is de procedure?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

De formele procedure om een bestuurslid uit diens functie te ontheffen is in de statuten van jullie stichting bepaald. Lees die dus. Zonodig kun je de statuten opvragen bij de Kamer van Koophandel (zie bron). Na ontheffing door het bestuur dient de persoon bij de KvK te worden uitgeschreven als bestuurslid . Normaliter zijn er 3 wegen om iemands lidmaatschap van het bestuur te beëindigen: a) de persoon geeft uit eigener beweging het lidmaatschap op. De voorzitter kan de persoon in kwestie bilat spreken en dit trachten te bewerkstelligen. Deze variant heeft de stellige voorkeur want de persoon houdt de eer aan zichzelf. Voorts omdat de verhoudingen er beter door blijven hetgeen de praktische afhandeling eenvoudiger maakt (nog af te ronden klussen door de persoon, overdracht van dossier en stukken door de persoon, etc). b) de persoon wordt middels stemming uit functie ontheven. Als het hierop aankomt dien je goed de regels uit de statuten te volgen. Vaak is voor ontslag een afwijkende stemverhouding bepaald. Bijv: min. 2/3 van de stemmen, waarbij blanco stemmen of op ongeldige wijze uitgebrachte stemmen worden geacht niet te zijn uitgebracht. Bij stakende stemmen zijn soms specifieke regels bepaald (bijv: herstemmen, voorzitter geeft doorslag of het lot geeft de doorslag - dus tossen). Neem ook andere statutaire regels in acht (respecteer aankondigingsperiode v/e vergadering, kondig het bespreekpunt dan ook aan, notuleer, laat voorz & secr de notulen ondertekenen) . Normaliter kan overigens ook buiten een vergadering gestemd worden, met schriftelijk uitgebrachte stemmen. c) er is een situatie aan de orde die volgens de statuten niet verenigbaar zijn met het bestuurslidmaatschap. Naast evidente zaken (zoals het overlijden van betrokkene) kan dit bijv. zijn dat de persoon met faillissement of schuldsanering te maken heeft, surcéance van betaling heeft aangevraagd, het vrije beheer over zijn/haar vermogen is verloren, onherroepelijk veroordeeld is voor zedenmisdrijven of als de persoon niet meer beschikt over het vereiste lidmaatschap van een bepaalde andere organisatie. Als zoiets aan de orde is dan is het lid feitelijk nu al geen lid meer van het bestuur. De voorzitter kan de persoon bellen om daarop te wijzen en daarbij ook te melden dat verdere deelname aan bestuursvergaderingen dus niet aan de orde is.

Bronnen:
http://www.kvk.nl/producten-bestellen/docu...

(...) "Anders dan bij een besloten of naamloze vennootschap, waar de algemene vergadering of (indien aanwezig) de raad van commissarissen de mogelijkheid heeft om bestuurders te schorsen en te ontslaan, of bij een vereniging, waar die bevoegdheid normaal gesproken ligt bij de ledenvergadering, heeft een stichting dergelijke organen niet. In plaats daarvan is in de wet wel een ontslagprocedure voor stichtingbestuurders opgenomen (...) Stichtingen hebben vaak maar één orgaan, het bestuur. (...) Soms is er ook een raad van toezicht ingesteld die het bestuur controleert, maar er zijn talloze stichtingen waarin het bestuur het enige orgaan is. In die gevallen benoemt het bestuur zichzelf en treden bestuurders af wanneer zij daarvoor kiezen of wanneer het bestuur daartoe besluit. Dit systeem heet coöptatie. Anders dan bestuurders van een stichting met een dergelijke constructie wellicht denken, betekent dit niet hun positie niet ter discussie kan worden gesteld. Iedere belanghebbende (of het Openbaar Ministerie) kan de rechtbank verzoeken een bestuurder van een stichting te ontslaan (en gedurende het onderzoek te schorsen) als die bestuurder ofwel in strijd handelt met de wet of de statuten, ofwel zich schuldig maakt aan wanbeheer (artikel 2:298 BW). Het is op voorhand niet altijd met zekerheid te zeggen of iemand belanghebbende is of niet. Dit moet de rechtbank per geval beoordelen aan de hand van de aard van de procedure en de daarmee verband houdende wetsbepalingen. Daarbij speelt onder andere een rol in hoeverre de verzoeker door de uitkomst van de procedure zodanig in zijn eigen belang kan worden getroffen dat hij dat belang mag beschermen. Het hangt dus van de specifieke omstandigheden van het geval af of iemand als belanghebbende het ontslag van de stichtingbestuurder kan verzoeken. Oordeelt de rechtbank dat iemand voldoende belang heeft bij zijn verzoek, dan toetst de rechtbank vervolgens of de bestuurder in strijd heeft gehandeld met de wet of de statuten of zich schuldig heeft gemaakt aan wanbeheer. Of dit zo is hangt erg af van de specifieke situatie, maar is wel relatief eenvoudig te toetsen door de rechtbank. (...)

Bronnen:
http://www.verenigingen.nl/de-positie-van-...

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100