Hoe komt het dat de vervoeging van een werkwoord in de tweede persoon enkelvoud wordt gebruikt, terwijl het gaat over een derde persoon enkelvoud?

Steeds vaker zie ik zinnen als "Waarom wilt hij ... ?" en "Nu wilt zij graag ...". De logica daarvan begrijp ik niet. Is daar een uitleg voor te geven?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Dat gaat eigenlijk alleen op bij het werkwoord willen en 't is een vorm van overcorrectie. Hij loopt naar de winkel Hij wilt naar de winkel Nu fietst zij naar huis. Nu wilt zij naar huis. Er zit dus wel een logica achter, maar het is een logica die niet gevolgd zou moeten worden...

Willen is een uitzondering. Waarom loopt hij, waarom zingt zij. Deze zinnen zijn juist. Dus bij 'waarom wilt hij' is de regel correct toegepast , ware het niet dat het werkwoord willen een uitzondering vormt op deze regel.

Willen vormt inderdaad een uitzondering. Maar het kan ook een dialect zijn. In Zeeland hoor ik vrij veel "hij wilt". Daarentegen hoor je in de kop van Noord-Holland het tegendeel: "hij loop" i.p.v. hij loopt.

Omdat het kan

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100