Stel je loopt in het bos en je ziet een boom. Je loopt naar een boom en sta je nu "voor" of "achter" de boom?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Vaak staat de 'voorkant'van de boom naar het zuiden, dus zoek dat eerst is uit, en dan weet je waar de voorkoant van de boom is.

hangt ervan af waar het gezicht van de boom zit.

Naast. een boom heeft geen kanten, je kan pas voor of achter iets staan als deze specifieke kanten heeft.

Voor. Pas als je er omheen loopt sta je er achter. Tenzij je je verstopt, dan sta je altijd "achter" de boom.

voor jezelf sta je achter de boom, omdat je de boom ziet, draai je om en je staat voor de boom

volgens mij sta je bij de boom, maar volgens mij is er geen voor en achterkant bij een boom, net zoals bij een cirkel.

Uhm, weet niet waar jij je mee bezighoud in 't bos? maar dat soort dingen boeien me niet echt, vind 'm niet zo spannend deze vraag, dit is voor iedereen anders. als ik zeg voor zeg jij achter dus discussion closed.

Je staat in de directe omgeving van de boom in bijvoorbeeld Noordelijke richting. Aangezien hij geen kanten heeft spreek je dan over windrichtingen.

Het hangt van je standpunt af. Het woord voor en achter wordt bepaald door degene die kijkt. Als je dus bij de boom staat en je kijkt naar de boom, dan sta je ervoor. Sta je met je gezicht van de boom af, dan sta je erachter

Denk dat het altijd vanuit het perspectief van de spreker bezien moet worden. Dus als ik naar jou kijk en ik zie jou met de boom ervoor sta jij dus voor mij achter de boom. Maar voor jou sta ik wellicht ook achter de boom.

Ik zie door de bomen het bos niet meer!

Net als bij alle wetenschappelijke proeven heeft degene die observeert in dit vraagstuk invloed op de proefopstelling. Het antwoord is dus: het hangt van de observator af.

Bronnen:
http://video.google.com/videoplay?docid=-4...

Als ik leun sta ik ervoor, als ik sta te pissen sta ik er achter

Dat is een relatief begrip. Voor het antwoord op deze vraag moet er een tweede in het spel zijn, die jou kan waarnemen. Staat de boom tussen jou en die waarnemer, dan staan jullie allbei "achter" die boom, staan jullie allebei aan dezelfde zijde, dan is er weer een derde nodig die jullie vanuit zijn eigen perspectief kan waarnemen enz enz.

In jouw geval loop je in een bos, zie je een boom, en loop je naar eeen boom. Als je al die tijd blijft lopen, loop je van zelf tegen die boom aan. Op dat moment lig je waarschijnlijk voor de boom met een bult op je kop. Als je hard tegen die boom aan loopt zie je waarschijnlijk door de bomen het bos niet meer. Dan is er waarschijnlijk sprake van duizeligheid of zelfs bewusteloosheid.

Om dat te achterhalen moet je zorgen dat je een volle blaas hebt. Dan loop je naar de desbetreffende boom toe en zoek je een kant om tegen aan te zeiken. Dat is dan de achterkant.

De tweede persoon maakt uit of je voor of achterstaat. Als je met de rug naar een boom staat sta je niet achter een boom maar de boom staat achter jou =P.

vraag het die boom eens

Je staat in een bos dus je staat zowel voor als achter de boom. In weze sta je dus altijd voor en achter de boom. De boom kan alleen heel ver weg zijn of misschien is het wel de zelfde boom.

Dat is geheel afhankelijk van het perspectief waarover je spreekt. Gezien vanaf je eigen perspectief sta je altijd voor een boom. Het maakt dan ook niet uit of je met je gezicht of je rug naar de boom gekeerd staat.

met je gezicht naar de boom toe sta je achter de boom... met je rug naar de boom toe sta je voor de boom...

Een taalkundige kwestie. Je kan het vergelijken met als een vrouw voor of achter het raam zit (oeps...)

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100