Mag een Nederlandse kinderrechter een OTS + UHT uitspreken over een kind wat geen Nederlandse nationaliteit heeft, maar in Nederland woont?

Het kind heeft 1 ouder zonder Nederlandse nationaliteit en zelf heeft ook geen Nederlandse nationaliteit. Alle twee hebben tijdelijke verblijfsvergunning. Mag een Nederlandse rechter een OTS + UHT uitspreken en het kind in een Nederlands pleeggezin (laten) plaatsen?

Weet jij het antwoord?

/2500

Uiteraard, de nationaliteit speelt hier geen rol, maar de situatie van het kind is bepalend.

Op iedereen die zich op Nederlands grondgebied bevindt, is het Nederlandse recht van toepassing. Dus een kind (oftewel de ouders/verzorgers) dat in Nederland woont, moet zich onderwerpen aan de uitspraken van de Nederlandse (kinder)rechter.

De Nederlandse rechter is bevoegd een uitspraak te doen indien de verzoeker/gedaagde in Nederland zijn woonplaats of verblijfplaats heeft (art 2 en 3 Rv). De rechter is dus bevoegd om een uitspraak te doen (wat los staat van de vraag of de OTS + UHT daadwerkelijk zal worden uitgesproken). Toegevoegd na 6 minuten: Ook moet het niet zo zijn dat de 'gewone verblijfsplaats' toch nog in het buitenland is, omdat dat dan volgens art. 5 Rv de rechter toch geen rechtsmacht heeft. En ook is het handig te weten dat een OTS in beginsel niet een uitzetting voorkomt....

Op grond van op het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1961, artikel 1, artikel 2, artikel 8 of artikel 9 kan de rechter in spoedeisende gevallen een maatregel uitspreken. Dat kan als de gewone verblijfplaats van de minderjarige in Nederland is, hij of zij zich in Nederland bevindt en zelfs als het kind zich buiten Nederland bevindt. Ik vond online helaas alleen de oorspronkelijke Franse tekst

Bronnen:
http://lexius.nl/verdrag-betreffende-de-be...

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100