Wat is het metrum in 'De bomen van de Overtoom?

DE BOMEN VAN DE OVERTOOM

Wij hebben deze hele stad
even te leen, lang leve!
We zijn de babysitters
van de planeet, we zijn
het met ons eigenwijs beheer
steeds onrustbarender
oneenser.

De bomen van de Overtoom
moesten er ook aan geloven.
Houten wonden. Het niet
af – kunnen – blijven
onze zonde.

~ Judith Herzberg (uit de bundel: Soms Vaak)



Kan iemand mij helpen met het bepalen van het metrum in dit gedicht?
Ook zou ik graag hulp willen met het zoeken naar beeldspraak en stijlfiguren.

Ik heb 2 soorten stijlfiguren kunnen vinden:
1. eufemisme. Er ook aan moeten geloven is een verhullende omschrijving met de bedoeling de gevoelens van anderen te sparen.
2. parallellisme. Zowel in versregel 3 als versregel 4 begint de “zin” met ‘we zijn …’.

Verder heb ik geen andere stijlfiguren en/of beeldspraak gevonden.

Weet jij het antwoord?

/2500

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100